Uncategorized

Dieetmoe

Ik weet het nog zo goed.

Een heel aantal jaar geleden zat ik samen met mijn moeder in een restaurantje om gezellig samen te lunchen en met een baksteen in mijn maag keek ik naar de menukaart. Meteen hoorde ik haar weer; dat stemmetje in mijn hoofd dat continu oordelen had over het eten dat ik het liefste wilde eten. Ook nu was ze weer lekker op dreef.

“Hmmm… Ja, die club sandwich ziet er echt lekker uit. Maar daar zit bacon op. Weet je wel hoe vet dat is? En er zitten chips bij. Weet je wel hoeveel calorieën dat zijn?! Dat moet je echt niet doen, hoor. Dat kan niet. Je bent al dik genoeg. Neem die salade maar, er moeten echt wat kilo’s af.”

Een kwartier later zat ik met tegenzin en waarschijnlijk een zure muil (sorry, mam) in mijn salade te prikken.

Chaos in je hoofd

Na het eten bestelden we een kopje koffie en zag ik dat er een klein chocoladekoekje op de rand van het schoteltje lag. Direct was het weer chaos in mijn hoofd.

“Een koekje… Dat ziet er lekker uit….”
“Nee, waag het niet. Je bent net zo lekker bezig geweest met die salade, je gaat het NIET verpesten met een koekje.”
“Maar hij is echt vet klein. Een hapje en hij is op… En na die salade mag ik toch wel….?”
“Blijf. Van. Dat. Koekje. Af!”

Het was alsof iemand fysiek mijn handen tegen mijn lief hield en het fysiek onmogelijk was om dat koekje te pakken. Toen ik dat besefte, schrok ik wakker uit mijn eigen gedachten en borrelde er een nieuwe vraag in mij op: Zeg, wil ik dit eigenlijk wel? Wil ik de rest van mijn leven zo door? Altijd weer die strijd voor ik iets mag eten? Altijd weer dat schuldgevoe? Ik was doodmoe, alleen al van al die gedachten die ik had gehad voor, tijdens en na het eten. De gesprekken waren bijna volledig aan me voorbij gegaan en in plaats van dat ik me kon concentreren op een gezellige dag met mijn moeder, was ik met mijn hoofd bij het eten en mijn lijf. Wilde ik dit de rest van mijn leven blijven doen? En, belangrijker nog: kon ik dat nog wel?

Welkom in het dieetdal

In dat moment, in dat restaurantje, had ik mijn dieptepunt bereikt. Ik moet ergens midden in de twintig geweest zijn en was al vanaf mijn 12e obsessief met mijn lichaam en mijn eetgedrag bezig. Na jarenlang klooien, huilen in pashokjes en heel erg veel frustratie en verdriet, was ik er helemaal klaar mee.

Ik was het lijnen meer dan zat en was doodmoe van elke dag weer een strijd voeren met eten en mijn lichaam. Ik kon niet meer. Ik was dieetmoe.

Ik noem het ook wel eens het dieetdal. De plek waar je belandt na een leven vol gedoe met eten en je lijf. Het moment waarop je je afvraagt of je echt weer opnieuw aan een nieuw dieet wil beginnen. Het moment waarop alleen de gedachte aan een nieuwe lijnpoging je al dodelijk vermoeid maakt. Het is het moment waarop je helemaal klaar bent met lijnen en alles wat ermee te maken heeft.

Sommige mensen bereiken het dieetdal na een paar jaar diëten. Anderen zijn er na 50 jaar nog niet aan toe. Maar het dieetdal, hoe frustrerend ook, is een voorbode van iets moois: het maakt namelijk de plek vrij voor een nieuwe aanpak.

Het is tijd voor een nieuwe aanpak

Want pas als je het lijnen helemaal zat bent, ontstaat er ruimte om iets nieuws te proberen. En ik weet als geen ander hoe eng dat voelt. Het kan voelen als een sprong in het diepe: want diëten mogen dan niet werken, ze geven je wel vastigheid. Het is niet ideaal, maar het is wel vertrouwd. Het kan ontzettend spannend zijn om te stoppen met je lichaam altijd maar te willen veranderen en om de eerste stappen te gaan zetten naar meer balans. Geen eetschema’s meer. Niet meer luisteren naar al je regels over eten, maar naar de signalen van je lichaam. Soms moeten we eerst heel duidelijk weten wat we niet meer willen, om op zoek te durven gaan naar wat we wel willen.

Betekent dit dat je je wens om je lichaam te veranderen los moet laten als je aan de slag wil met eten en je lijf? Wat mij betreft niet. Ook toen ik begon met intuïtief eten en het kweken van een beter lichaamsbeeld, waren er nog zat momenten dat ik me zachtjes afvroeg of ik niet toch beter nog een lijnpoging kon wagen. Het enige verschil was dat ik wist dat die weg me op de lange termijn niet gelukkiger zou maken. Ik had het uitgebreid geprobeerd en ik was er geen stap mee opgeschoten.

Hoe zou je leven zonder gedoe met eten en je lijf eruitzien?

De grote vraag is dus: Wat heeft het lijnen je tot nu toe gebracht? En heeft het je gebracht waar je wilde zijn?

En hoe zou je leven eruit zien als je vrede kunt sluiten met eten en je lijf? Als je alleen aan eten hoeft te denken vlak voor je gaat eten (“Wat zal ik eens eten?”), tijdens het eten (“Wat een lekkere muffin!”) en vlak erna (“Dat was lekker, nu ga ik weer verder met waar ik mee bezig was.”).
Hoe zou je leven eruit zien als je lichaam geen obsessie meer voor je is?

Wat zou je kunnen bereiken als al die aandacht die nu naar eten en je lijf gaat, kan gaan naar de dingen die echt belangrijk voor je zijn?

You may also like...